Van 5 – 7 augustus 2026 was de Beurs van Berlage het toneel van de WorldPride Human Rights Conference. Honderden deelnemers uit de hele wereld kwamen samen, leerden elkaar kennen en deelden hun verhalen, ervaringen en inzichten. We waren er trots op hen te mogen ontvangen en hen de kans te bieden elkaar te ontmoeten en inzichten te delen. We spraken met Lucien Spee, directeur van Pride Amsterdam, om te horen wat hij vond van onze locatie en wat de WorldPride Human Rights Conference tot een succes maakt.

Waarom was de Beurs van Berlage de juiste locatie voor deze conferentie?

‘Voor de Human Rights Conference van WorldPride zochten we een locatie die niet alleen praktisch geschikt was voor een grote internationale conferentie, maar die ook iets uitstraalt. De Beurs van Berlage heeft die combinatie. Het is een monumentaal gebouw, midden in Amsterdam, met een enorme internationale uitstraling en tegelijkertijd voldoende verschillende zalen om tientallen sessies naast elkaar te kunnen organiseren.

Maar ik vind vooral de symboliek mooi. WorldPride gaat over zichtbaarheid, mensenrechten en de plek die onze gemeenschap in de samenleving inneemt. Dan is het bijzonder dat honderden activisten, politici, wetenschappers en Pride-organisatoren uit de hele wereld juist op zo’n prominente plek in het hart van Amsterdam bij elkaar komen. Niet ergens aan de rand van de stad, maar letterlijk midden in de samenleving.’

Hoe heb je de samenwerking met het team van Beurs van Berlage ervaren bij het tot stand komen van dit evenement?

‘Als heel prettig en professioneel. Een WorldPride Human Rights Conference organiseren is behoorlijk complex. We hadden meer dan 70 sessies, internationale sprekers en deelnemers uit alle delen van de wereld, verschillende programmaonderdelen tegelijkertijd en natuurlijk allerlei wensen op het gebied van techniek, toegankelijkheid, veiligheid en hospitality.

Wat ik heel erg heb gewaardeerd, is dat het team van de Beurs niet alleen dacht vanuit wat er normaal gesproken kan, maar steeds met ons meedacht over wat er nodig was om deze bijzondere conferentie mogelijk te maken. Je merkt dan hoe belangrijk het is dat je een locatiepartner hebt die begrijpt dat dit niet zomaar een congres is. Voor veel van onze internationale deelnemers, onder wie activisten die in hun eigen land niet vrij of veilig zichtbaar kunnen zijn, betekende deze bijeenkomst veel meer dan drie dagen confereren.’


“Het is bijzonder dat honderden activisten, politici, wetenschappers en Pride-organisatoren uit de hele wereld juist op zo’n prominente plek in het hart van Amsterdam bij elkaar komen. Niet ergens aan de rand van de stad, maar letterlijk midden in de samenleving.”

Naar welke sessie of welk moment in het conferentieprogramma keek je het meest uit, en waarom?

‘Ik keek misschien nog wel het meest uit naar de plenaire opening op woensdagochtend. Niet vanwege één spreker, maar vanwege wat daar bij elkaar kwam. We hadden minister-president Rob Jetten en burgemeester Femke Halsema, maar ook activisten als Tamara Adrián uit Venezuela en Nayyab Ali uit Pakistan, internationale sporters en jonge mensen die via Model United Nations hun prioriteiten presenteerden aan vertegenwoordigers van onder andere de Verenigde Naties en ILGA World.

Toen ik al die mensen in de Grote Zaal bij elkaar zag, realiseerde ik me wel even: hiervoor hebben we WorldPride naar Amsterdam gehaald. Mensen die onder totaal verschillende omstandigheden leven en soms letterlijk moeten vechten voor rechten die wij hier vanzelfsprekend zijn gaan vinden, zaten daar samen in één zaal. Dat is voor mij UNITY in de praktijk. En uiteindelijk waren het juist ook de ontmoetingen buiten de officiële sessies die me raakten. Mensen uit alle continenten die elkaar hier vonden, ervaringen uitwisselden en afspraken maakten om elkaar na Amsterdam te blijven helpen. Dat kun je niet volledig programmeren, maar het is misschien wel het belangrijkste wat zo’n conferentie kan opleveren.’

Wanneer is deze conferentie voor jullie een succes?

‘Niet wanneer de laatste bezoeker naar huis is en we kunnen zeggen dat alles volgens planning is verlopen. Voor mij is deze conferentie pas echt een succes als er na Amsterdam iets doorgaat. Als iemand hier een contact heeft opgedaan waardoor een Pride in een ander land sterker of veiliger kan worden. Als een activist nieuwe kennis of een internationaal netwerk mee naar huis neemt. Als een politicus of beleidsmaker door een persoonlijk verhaal anders naar een vraagstuk gaat kijken. Of als organisaties die elkaar hier voor het eerst hebben ontmoet volgend jaar nog steeds samenwerken. We hebben WorldPride niet naar Amsterdam gehaald om alleen te laten zien hoe vrij en tolerant wij hier zijn. Juist in een tijd waarin LHBTQIA+-rechten in verschillende delen van de wereld onder druk staan, moeten we onze positie gebruiken om mensen met elkaar te verbinden en onze internationale beweging sterker te maken.

Als een deel van de gesprekken die deze drie dagen in de Beurs van Berlage zijn begonnen, straks ergens anders in de wereld leidt tot meer vrijheid, veiligheid en/of gelijkwaardigheid, dan is deze Human Rights Conference voor mij geslaagd.’